< Previous30 | KIND&TAND MAGAZINE Tips • Zorg voor structuur, rust en regelmaat. Bied maaltijden altijd aan op vaste tijdstippen Eet hoofdmaaltijden aan tafel zonder ruis van televisie, tablet of telefoon. Laat het kind met zijn handen eten. Dit draagt bij aan de ontwikkeling van de motoriek, maar ook aan het herkennen van voedingsmiddelen. • Start vroeg met het ontwikkelen van het smaakpalet, vanaf de eerste proefhapjes. Start vroegtijdig met het aanbieden van veel verschillende soorten groenten en fruit (ook bittere). • Een kind moet ongeveer vijftien tot twintig keer proeven, totdat hij een smaak leert herkennen. Ook dan kan je kind het niet lekker vinden, maar de smaak wordt wel herkend en opgenomen in het ‘smaakgeheugen’. • Laat je kind altijd enkele hapjes proeven van de groenten die hij niet wil eten. Accepteer en complimenteer ook als het maar om twee hapjes gaat. • Proeven is niet alleen kauwen en doorslikken. Proeven is ook ruiken en voelen met je handen, tong en je mond zonder te kauwen. De structuur en smaak van voedsel verandert vaak als je op iets kauwt. Voor sommige kinderen is dit een heel proces om door te maken. Neem hier echt de tijd voor. • Blijf aanbieden. Als een kind iets niet lust, geef dan geen alternatief. • Neem bij blijvende kritische eters contact op met een diëtiste. Tips voor moeilijke of kritische eters De peuterpuberteit is een nieuwe levensfase als je kind ongeveer twee jaar oud is. Deze periode duurt ongeveer tot de leeftijd van vier jaar. Ieder kind leert zichzelf in deze fase ontdekken. De buien die erbij horen zijn inherent aan deze ontwikkeling. Sommige kinderen worden kritisch eters. Hoe ga je daar mee om?KIND&TAND MAGAZINE | 31 Waar kun je mee beginnen? • Groenten die makkelijk gegeten worden en zoet of neutraal van smaak zijn, zoals wortel, bloem- kool, doperwten, pompoen, zoete aardappel, pastinaak, avocado en paprika. • Fruit, zoals banaan, aardbei en meloen. • Gekookte rijst, een klein beetje geprakt. • Gekookte pasta. • Lichtbruin brood tot acht maanden nog zonder korst. Eventueel gedoopt in moedermelk of flesvoeding, melk of water om het wat makkelijk te vermalen. Wanneer je kindje nog geen tanden heeft, kun je ook brood geven. Je kind leert dan alvast een nieuwe mondmotoriek. Hummus Hummus uit de supermarkt wordt gemaakt met raapolie. Deze olie wordt sterk geraffineerd om veel hummus te kunnen maken. Helaas gaan ook lekkere en gezonde smaakstoffen verloren. Maak hummus dus altijd met een extra vergine olijfolie. Nodig 250 gram voorgekookte kikkererwten 2 tenen knoflook 1 el tahin/sesampasta 1/2 citroen voor citroensap 1 tl komijn 1/2 tl zout 10 el olijfolie extra vergine Bereiding Spoel de kikkererwten af in een vergiet en doe ze in de keukenmachine. Voeg de rest van de ingrediënten toe en draai alles tot een gladde pasta. Voeg eventueel wat extra olijfolie toe als de pasta te dik blijft. Vanaf ongeveer vier tot zes maanden, kun je langzaam proefhapjes geven. Dit is geen vervanger van borst- of flesvoeding. De proefhapjes zijn bedoeld om alvast te wennen aan nieuwe smaken en om de mondmotoriek verder te ontwikkelen. IJzer Kinderen tot acht jaar krijgen vaak te weinig ijzer binnen. Kies voor pure chocola met een hoog ijzergehalte en appelstroop, waaraan extra ijzer is toegevoegd. Dit product bevat onnodig veel suikers 122g per verpakking, 24g per 100g 30x Bron: LINDA.nl TIP32 | KIND&TAND MAGAZINE ‘Een baby leert uit een borst of fles drinken door een sterk zuigreflex’, vult Robine aan. Op het moment dat een baby steeds minder uit de borst drinkt en ook vast voedsel krijgt, is het zuigen niet meer nodig. Veel kinderen zijn dan al zo gewend aan het zuigen op een duim, vinger of speen, dat het lastig is om dit nog af te leren. Toch is het belangrijk om dit wel te doen. Welke problemen kunnen kinderen krijgen? • Problemen met slikken en praten omdat door het zuigen de tong op een verkeerde plek gaat liggen (on- derin de mond). • Door een verkeerde tongpositie groeien de tanden scheef (bijvoorbeeld openbeet/overbeet). • De bovenkaak en gehemelte kunnen door de verkeerde tongpositie mis- vormen. Hierdoor kan het verhemel- te te smal worden of het neustus- senschot scheef groeien. • Door het zuigen ontstaat open mondgedrag in rust en ademen kin- deren door de mond. Het speeksel verliest hierdoor zijn beschermende werking. Je kind krijgt hierdoor meer kans op tandvleesontstekingen, gaatjes in tanden en kiezen en zal mogelijk sneller ziek worden. Wanneer afleren? Amber: ‘Het beste moment om het zuigen aan duim, vinger of speen af te leren, is als je kind vast voedsel gaat eten, maar in ieder geval voordat het tweeënhalf jaar oud is. Hoe eerder je begint des te makkelijker het gaat. Als ouder moet je het kind echt motive- ren, anders werkt het niet. Je hoeft niet alles uit te leggen, maar neem het kind wel mee in het proces.’ Zuigen op speen, vinger of duim schattig? Amber en Robine, logopedisten bij de Kletsmajoor zijn gespecialiseerd in logopedie en tandheelkunde. Als baby zorgt het zuigen op een duim, vinger of speen voor troost en zelfkalmering. Dit gedrag treedt vaak op bij moeheid, verveling of stress. Echter zuiggewoonten hebben op latere leeftijd grote nadelen. Robine en Amber Dit product bevat onnodig veel suikers 13g per verpakking, 8g per 100g 3x Bron: LINDA.nlKIND&TAND MAGAZINE | 33Zuigen op speen, vinger of duim schattig? Vervolg 34 | KIND&TAND MAGAZINEHoe stoppen met speen? • Wacht niet te lang! Hoe langer je wacht, hoe meer je kind gewend raakt aan de speen. De zuigbehoefte van baby’s neemt na zes maanden al flink af. Probeer daarom voor de eerste verjaardag van je kind af- scheid te nemen van de speen! • Geef alleen de speen nog op be- paalde momenten, zoals met het naar bed gaan. • Speen kwijt of kapot? Koop geen nieuwe. Je kind merkt vanzelf dat er steeds minder spenen in huis liggen en zal er na een tijdje niet meer om vragen. • Laat je kind de spenen in een bakje leggen en vertel dat de spenen-fee ze naar nieuwe baby’s zal brengen. Na een nachtje slapen zijn alle spe- nen weg, maar heeft de fee wel een cadeautje achtergelaten. Vraagt je kind er na een paar dagen toch weer om? Herinner hem dan dat andere baby’s de speen nu hebben. • Maak een mooi bed voor de speen en laat de speen een aantal nachten in zijn ‘eigen’ bed slapen. Na een aantal nachten wordt het bedje met de speen weg gehaald en slaapt de speen in zijn ‘eigen’ kamer. • Troost je kind liever door aandacht te geven dan een speen in zijn mond te stoppen. • Kies een goed moment om met de speen te stoppen, dus niet bij een verhuizing of als er net een broertje of zusje is geboren. • Slaapt je kind echt niet zonder speen? Bedenk samen iets wat hij in plaats van de speen mee naar bed kan nemen, zoals een knuffel of pop. • Blijf, ook op moeilijke momenten, bij het standpunt. Als je toch toegeeft, is alle moeite voor niets geweest! Hoe stoppen met duimzuigen? • Laat de duimmomenten langzaam minder worden. Duimt je kind, leidt hem af met iets waarbij hij twee handen nodig heeft. Laat je kind, bijvoorbeeld bij het naar bed gaan, het voorleesboek vasthouden of een grote knuffel bij het slapen. Of geef een kauwtube tijdens televisiekijken. • Stimuleer je kind met stoppen door er samen een geheimpje van te ma- ken. Vertel hem dat je ook met iets wilde stoppen en vertel hoe moeilijk je dit vond. Zo voelt hij zich begre- pen. Spreek samen een signaal af. Duimt je kind, geeft dan een signaal wat alleen hij/zij begrijpt. Zo hoeft je kind zich niet te schamen en maak je er een spelletje van. • Vertel de juf of de tandarts over het stoppen met duimen. Dit kan helpen met de beslissing van je kind om te stoppen. Laat hen vertellen waarom duimen niet meer past bij een grote jongen of groot meisje. • ’s Nachts duimen is lastiger om af te leren, omdat dit onbewust gaat. Je kunt de duim uit de mond van je kind halen als het slaapt. Zo gaat je kind weer door zijn neus ademen. • De duim smaakt voor kinderen lek- ker. Maar wat als de duim niet mee hetzelfde smaakt? Plak de duim af met een tape in de nacht. Zo voelt de mond een andere structuur. Na een paar weken kan de duim minder vaak afgeplakt worden. Maak het leuk met een beloning. Bij de Klets- majoor hebben we hier een leuke methode voor! Afwijkende mondgedrag? Schakel de logopedist in OMFT staat voor Oro Myofunctionele Therapie. Amber werkt hier dagelijks mee. ‘OMFT wordt ingezet, wanneer de spieren in en rondom de mond niet goed functioneren door bijvoor- beeld duimen. Als de spieren niet goed werken kan dit veel invloed heb- ben op de kaak- en gebitsstand. Als logopedist behandel je vaak preven- tief voordat er orthodontie plaats- vindt. Het doel is: aanleren van een nieuwe gewoonte, waarbij de juiste tongpositie in rust, tijdens slikken en bij de uitspraak van bepaalde klanken wordt geautomatiseerd. Door OMFT kan orthodontie of relaps na ortho- dontie voorkomen worden. KIND&TAND MAGAZINE | 3536 | KIND&TAND MAGAZINE Pompoen- kaneelspread Voor op de boterham of een toastje. Nodig ½ kleine pompoen zonder pitten in grote stukken gesneden (totaal 130 gram) 2 gedroogde dadels, ontpit ½ theelepel kaneel 1 theelepel vanille-extract Braadslee of ovenschaal Oven (voorverwarmd op 180 ◦C) Foodprocessor/ blender of staafmixer Potje met deksel Bereiding Leg de stukken pompoen in de braadslee of ovenschaal. Rooster de pompoen in de oven gedurende 45 minuten of tot de pompoen zacht is. Haal de stukken uit de oven en laat ze 30 minuten afkoelen. Schep het vruchtvlees van de schil en gooi de schil weg. Doe alle ingrediënten in de foodprocessor of blender en pureer glad. Giet de pompoen- kaneelspread in een potje met deksel. De spread blijft in de koelkast ongeveer drie tot vier dagen goed. Wil je deze langer bewaren? Vries kleine porties in en ontdooi naar behoefte Bij een kinderfeestje hoort taart. Daar is niks mis mee en past bij een gezond leefstijl- en voedingspatroon. Het heeft wel invloed wanneer er iedere dag taart word gegeten of wanneer er op de dag meerdere ma- len zoetigheid word gegeten, zoals op een kinderfeestje. Lekkere alterna- tieven zijn: • Waterijsje dat je zelf maakt door fruit op een stokje te steken en vier uur in de vriezer te leggen. • Een kleurrijke slinger van fruit. • Doosje rozijntjes of gedroogd fruit, zoals abrikozen of pruimen. • Pepsels of popcorn ongezoet en ongezouten in een leuk bakje voor elk kind. • Water met ijsblokjes en een smaakje door toevoeging van plakjes kom- kommer, citroen, limoen, munt, aardbeien, basilicum, rozemarijn, tijm, gember, watermeloen of kiwi. • Siroop op basis van zoetstoffen (zonder toevoeging van suiker). Ook voor deze gezonde alternatieven geldt; zorg voor een maximum van 5-7 eet- en drinkmomenten per dag om gaatjes en erosie te voorkomen.Bij kinderen komt de angst soms door een ervaring, bijvoorbeeld tijdens een behandeling. Het geluid van de boor of het zien van de naald bij een verdoving. Anderen zijn bang voor de pijn. Maar in veel gevallen is de angst ‘afgekeken’ van de ouders of afkom- stig van sterk overdreven ‘griezelver- halen’ verteld op het schoolplein. Het kan ook zijn dat een vorige tandarts zich onhandig of onvriendelijk ge- droeg. Al vroeg wennen Hoe eerder een kind went aan de tandarts, hoe kleiner de kans is dat er later angst ontstaat. Een eenvoudige manier om dat te bereiken, is je kind al vroeg meenemen naar de tandarts. Dat kan al vanaf het eerste tandje. Het kind kan dan wennen aan de praktijk, de behandelaren, (preventie)assisten- ten en de behandelstoel. Bijvoorbeeld door even in de stoel ‘te vliegen’, door het poetsen van de tanden in de ‘poetshoek’ of door het kind in de mond te laten kijken. Een persoonlijke benadering en praten op ooghoogte met het kind dragen bij aan een veilig gevoel. Straal vertrouwen uit Voor jonge kinderen is het goed dat één van de ouders tijdens de controle of behandeling aanwezig is. Weet dat het kind zich (als het angstig is) op jou richt. Het is dan belangrijk dat je ver- trouwen uitstraalt. Blijf je er als ouder bij? Laat dan zoveel mogelijk over aan de behandelaar. Deze kan je kind alles rustig stap voor stap uitleggen. Als het even kan, laat de tandarts het kind dan ook bij de behandeling betrekken. Bijvoorbeeld door met een spiegeltje mee te laten kijken of een ‘stop-teken’ af te spreken zoals het opsteken van een hand. Doe als ouder geen valse beloftes, zoals: ‘Je voelt absoluut niks’. Als het dan tóch pijn doet, kan je kind zich verraden voelen. Belonen Een klein cadeautje bij vertrek uit de praktijk, een uurtje langer opblijven of een leuk verhaaltje voorlezen, is een mooie beloning. Beloon pas ach- teraf en beloof geen dingen vooraf (‘Als je doet wat de tandarts zegt dan krijg je…..’). Dit kan leiden tot lastige onderhandelingen met het kind. Sluit de controle of de behandeling altijd gezamenlijk en positief af. Een goede ervaring bij het vertrek is een positief begin voor de volgende afspraak! Angst en stoornissen Angst kan ook een relatie hebben met een stoornis in het gedrag. Beken- de voorbeelden zijn ADHD, ODD en autisme. Heeft je kind een van deze stoornissen, bespreek dit dan voor- afgaand aan de controle of behan- deling. Heeft je tandarts veel ervaring met kinderen en/of speciale opleidin- gen gedaan, dan kan de behandeling worden aangepast door meer tijd, structuur of meer regie bij je kind te leggen. Uiteraard blijft ieder kind uniek! Als ouder kun je deze tips be- spreken met de mondzorgspecialisten die je kind behandelen, want je kent je eigen kind nu eenmaal het beste. ‘ Oh nee, daar heb je de boor!’ Herken je je in deze titel? Dat zou goed kunnen, want angst voor de tandarts staat op nummer één van de meest voorkomende angsten. In Nederland is ongeveer 15% van de kinderen bang voor een behandeling en 6% heeft extreme angst. Waar komt die angst vandaan en hoe kun je je kind helpen zijn angst te overwinnen? KIND&TAND MAGAZINE | 3738 | KIND&TAND MAGAZINE Vragen aan de mondzorgcoach op het consultatiebureau Voorlichting over mondgezondheid is een van de basistaken van de Jeugdgezondheidszorg. Mondzorg is dan ook een onderwerp dat ter sprake komt op het consultatiebureau. Een toenemend aantal consultatiebureaus wordt hierbij ondersteund door mondzorgcoaches van het project Gezonde Peutermonden of van JTV Mondzorg voor kids. Natuurlijk is er veel informatie te vin- den via Google over mondzorg voor je kind. Toch hebben ouders vaak specifieke vragen en daarmee kun je terecht bij de mondzorgcoach. Mondzorgcoaches geven (vrijblijvend) voorlichting over de gezondheid van het kindergebit aan de ouders van baby’s en peuters. Het gaat dan over poetsen, tandpasta, fluoride, het gebruik van een speen of (afleren) van duimzuigen. Natuurlijk ook over borst- en kindervoeding, suikers, de zuigfles en meer. Praktisch dus over alles wat voor jou en je kind belangrijk is bij preventie, het voorkomen van gaatjes en een gezonde voeding. Wil je ook eens praten met een mondzorgcoach? Overleg dan met je consultatiebureau. Fan van podcasts en luisterverhalen? OmaGuus is dé podcast voor de aller- kleinsten onder ons. Zij vertelt verhaal- tjes en leest voor. Bijvoorbeeld over de tandenfee en de zoetheks uit de serie sprookjes van Prinses Glansje, muizen en logeren bij OpaGuus en OmaGuus. Er zijn ook leuke liedjes te beluisteren. Het doel van OmaGuus is dat er minder naar tv, tablet en mobiele telefoons wordt gekeken met als motto ‘niet loeren maar luisteren’. Nieuwsgierig? OmaGuus is te vinden op Facebook en Instagram. OmaGuus is te beluisteren op Spotify, Sound Cloud en iTunes. KIND&TAND MAGAZINE | 39 In deze rubriek zet Hilde Maas, mondhygiëniste bij JTV Mondzorg voor Kids, de feiten en fabels over tanden en kiezen op een rij. Melktanden hoef je niet twee keer per dag te poetsen, omdat deze toch nog gaan wisselen. Fabel: Tussen zes maanden en drie jaar breken de melktanden en -kiezen door. Deze wisselen pas als het kind tussen de zes en twaalf jaar oud is. Met sommige melkkiezen moet het kind dus tien jaar doen. Daarom is het belangrijk het melkgebit, net als het volwassen gebit, twee keer per dag te poetsen zodat gaatjes en tandvlees- problemen worden voorkomen. Veel gaatjes hebben is erfelijk. Fabel: Vroeger werd al gezegd ‘hij heeft de wolf in de tanden’. Maar er is bewezen dat cariës (gaatjes) niet genetisch erfelijk is. Het komt voor dat bepaalde eet- en poetsgewoon- ten worden overgedragen van ouder op kind. Het kind kan dan dezelfde mondproblemen krijgen als de ouder. Bepaalde tandvleesproblematiek of slecht gemineraliseerd glazuur kun- nen wel erfelijk bepaald zijn. Door het gebruik van een speen of duim gaan je tanden scheef staan. Feit: Speen-, duim-, en vingerzuigen geven een verhoogd risico op een open beet. Bij een open beet raken de boven- en onder voortanden elkaar niet wanneer de kiezen op elkaar bijten. Als een kind kortdurend duimt, hoeft dat geen probleem te zijn. Maar het gevaar van een duim of speen is dat er afwijkend mondgedrag wordt gevormd. Dit heeft niet alleen gevol- gen voor het gebit en de kaak maar kan er ook voor zorgen dat kinderen verkeerd gaan praten. Tot de leeftijd van negen maanden heeft een kind zuigbehoefte. Alle zuigbehoefte die hierna bestaat, is aangeleerd. Hoe eerder het kind is gestopt met de speen of duim, hoe beter dit is voor de kaak-, spraak- en gebitsontwikkeling. Dit verkleint de kans op logopedie of orthodontie in de toekomst. Diksap is gezond voor mijn kind. Fabel: Als je kind vaak diksap drinkt, kan dat zorgen voor overgewicht en gaatjes. Ondanks dat er op de ver- pakking staat ‘100% puur sap zonder toegevoegde suikers’, zit er in 150 ml diksap 13,9 gram suiker. Dit zijn 3,5 suikerklontjes. Diksap is feite- lijk geconcentreerd vruchtensap en bevat naast veel suikers ook een lage zuurgraad. Deze lage zuurgraad kan zorgen voor erosieve slijtage van het glazuur. Alternatieven die beter zijn voor het gebit en het lichaam zijn water en afgekoelde (fruit)thee zonder suiker. Na het tandenpoetsen kun je het beste even je mond spoelen met water. Fabel: Zowel voor kinderen als vol- wassenen geldt dat het beter is om je mond niet na te spoelen met water na het tandenpoetsen met een fluoride houdende tandpasta. Op deze manier blijft tandpasta langer aanwezig op je tanden en kan de werkzame stof, fluoride, beter zijn werk doen. Je hoeft niet bang te zijn dat je dan te veel tandpasta binnenkrijgt. Als je alles uitspuugt is de achtergebleven hoe- veelheid te verwaarlozen. Feit of Fabel? Dit product bevat onnodig veel suikers 20g per verpakking, 9g per 100g 5x Bron: LINDA.nl Dit product bevat onnodig veel suikers 92g per verpakking, 9g per 100ml 23x Bron: LINDA.nlNext >